bloembollen voorjaar

Gebruik Bloembollen

By | tuintips | No Comments

Deze ontwerptip wordt, ten tijde van de publicatie, al ruimhartig ondersteund in openbare plantsoenen, op landgoederen en natuurlijk in de Keukenhof. Gebruik bloembollen!

Winterslaap

Bijna alle vaste planten verkeren nog in een winterslaap en overal in de tuin zie je nog gaten in de beplanting. Bedenk één ding; daar hadden bloemen kunnen staan. Sneeuwklokjes, crocussen, narcissen en over een tijdje ook tulpen zorgen met gemak voor twee maanden extra kleur en plezier in de tuin. Bloembollen benutten het voor en na-seizoen in de tuin. Plekken, waar in het seizoen de schaduw van het gebladerte heerst, krijgen tijdelijk zon. Bolgewassen hebben als overlevingstaktiek om voedingsstoffen op te slaan in de bol. Daardoor zijn ze in staat om deze momenten nog snel te benutten, binnen één of twee maanden groeien, bloeien en weer afsterven. Prachtig toch, zoveel dynamiek! dus plan vooruit en schrijf het nu vast in je agenda voor het najaar: bollen kopen en planten.

 

Enkele van mijn favoriete voorjaarsbollen

Zomerbollen

Misschien ben ik bevooroordeeld. Vanaf m’n dertiende werkte ik jarenlang op een kwekerij waar onder andere lelies en narcissen werden gekweekt. Kilometers heb ik afgelegd op m’n knieën, duizenden bollen heb ik gepland en later ook weer geoogst. Daar komt trouwens meteen al iets naar boven, want, ook buiten de typische bollenseizoenen, in het voor- en najaar, kunnen zomerbollen, als de genoemde lelie, een geweldige blikvanger in de zomerborder zijn. Iets waar veel te weinig gebruik van wordt gemaakt in de Nederlandse tuinen.

Royaal toepassen

Maar, om bij het eerste punt te blijven: krokussen, narcissen en tulpen. Pas ze toe en wees daarbij royaal. Kies één of twee of drie soorten en plant ze in groepen. Laat ze zoveel mogelijk terug komen door de hele tuin, zodat een overtuigend beeld ontstaat. Of combineer ze zorgvuldig met de vaste planten die wel al in bloei staan, bijvoorbeeld, zoals op de foto hierboven, Narcissus ‘Silver Chimes’ met Brunnera macrophylla.